Bij de toepassing van een warmtepomp dient de warmtebron, die de gratis warmte levert, gekozen te worden op basis van een aantal verschillende factoren. De meest courante bronnen zijn bodemwarmte, grondwater en lucht.
Bodemwarmte: Warmtepompen geoTHERM VWS en geoTHERM exclusiv
Hierbij wordt gebruik gemaakt van de zonnewarmte die in de bodem is opgeslagen. Indien er voldoende tuinoppervlakte beschikbaar is, wordt deze warmte aan de aarde onttrokken door een horizontale warmtecollector.
Bij de keuze voor een horizontale warmtecollector wordt een netwerk van buizen op een diepte van ongeveer 1m20 in de bodem ingegraven. U moet hiervoor beschikken over de nodige grondoppervlakte: voor een warmteoutput van 8 kW is een minimale oppervlakte vereist van 533 m2. Dit moet ook een open grondoppervlakte zijn, dus zonder beplanting (zoals bomen) of bebouwing erop.
Indien dit niet het geval is, kan u kiezen voor een verticale collector of bodemsondes die door middel van boringen diep in de grond worden ingebracht. Boringen zijn duurder dan horizontale collectoren en hiervoor moet u bovendien een vergunning aanvragen.
Grondwater: Warmtepompen geoTHERM VWW
De aanwezigheid van een ondergrondse waterlaag is voor deze vorm van warmtewinning een vereiste. Het grondwater wordt naar de warmtepomp gevoerd en na de warmteabsorptie teruggevoerd naar de waterlaag.
Er worden hiervoor 2 boringen uitgevoerd (een boring voor het ophalen van het grondwater en een andere voor de teruggave) tot op een diepte van maximaal 15 meter. Ligt de grondwaterlaag dieper dan 15 meter, dan stijgt het elektriciteitsverbruik voor het oppompen en terugpompen van het water te sterk, waardoor het warmtepompsysteem niet meer rendabel is.
Lucht: Warmtepompen geoTHERM VWL S en geoTHERM plus VWL S met buiteneenheid
In deze warmtepompinstallatie wordt de warmte onttrokken aan de buitenlucht. Net zoals andere lucht/water-warmtepompen is dit systeem uiterst eenvoudig te installeren. En een eenvoudige installatie betekent ook een lagere installatiekost. Bovendien bieden deze Vaillant-oplossingen een hoger rendement dan andere types lucht/water-warmtepompen, dankzij het gebruik van onze geoTHERM-technologie. Alles bij elkaar geteld is het een zeer interessant, flexibel en betrouwbaar systeem. Tot een temperatuur van – 20°C kan de nieuwe lucht/water-warmtepomp nog energie opnemen om de woning te verwarmen, maar wellicht niet voldoende. Dan kan de standaard ingebouwde elektrische weerstand bijverwarmen tot op de gevraagde temperatuur.
De geoTHERM VWL S en geoTHERM plus VWL S van Vaillant zijn unieke lucht/water-warmtepompen die gebaseerd zijn op een gloednieuw concept. De systemen bestaan uit een binneneenheid, één of twee buiteneenheden en verbindingsleidingen die tal van voordelen bieden.
De buiteneenheid zuigt de omgevingslucht aan door middel van een modulerende elektronisch gestuurde ventilator die gemaakt is uit aluminium en glasvezels, waardoor deze zeer weinig lawaai produceert. De geïntegreerde lucht/water-warmtewisselaar treedt dan in werking en neemt daarbij de warmte over uit de buitenlucht. Daarvoor wordt een vriesbestendige water/glycolvloeistof gebruikt.
Het water/glycol vloeit door eenvoudige kunststoffen buizen zonder isolatie, die de buiteneenheid met de binneneenheid verbinden. Nadat de warmte uit de lucht is overgenomen, wordt ze via deze weg naar de binneneenheid in de woning vervoerd, en dit zonder warmteverlies. Integendeel, omdat de temperatuur van de water/glycolvloeistof die door de buizen stroomt steeds lager ligt dan de omgevingstemperatuur, kan tijdens het transport tussen beide eenheden bijkomende warmte opgenomen worden.

