Hernieuwbare energieën
Hernieuwbare energieën zijn energiebronnen die zichzelf voortdurend aanvullen en vrijwel onuitputtelijk zijn, zoals zon, lucht, bodem en water. In moderne verwarmingssystemen worden hernieuwbare energieën ingezet om woningen efficiënt en milieuvriendelijk te verwarmen, bijvoorbeeld via warmtepompen of zonne‑energiesystemen.
Door te kiezen voor hernieuwbare energieën verminder je de uitstoot van CO₂, verlaag je je energieverbruik en draag je bij aan een duurzame toekomst, zonder in te boeten op comfort. Ze vormen de basis van energiezuinig en toekomstgericht verwarmen.
Hernieuwbare energiebronnen zijn:
- Lucht: lucht wordt ingezet bij lucht/water-warmtepompen, via een buitenunit wordt de energie uit de omgeving opgenomen en omgezet voor verwarming, actieve koeling en de productie van sanitair warm water via warmtepompen.
- Geothermie: bij bodem/water-warmtepompen wordt de geothermische energie gewonnen via verticale boringen of horizontale captatienetten.
- Zonne-energie: via fotovoltaïsche systemen wordt elektriciteit opgewekt, zonthermische systemen zorgen voor de productie van sanitair warm water via een zonne-energie.
- Windenergie: windmolens wekken elektriciteit op via rotatie.
- Waterkracht: waterkrachtcentrales benutten de natuurlijke of kunstmatig opgewekte stromingskracht van water om elektriciteit op te wekken.
Daarnaast kunnen water/water-warmtepompen ook ingezet worden voor de productie van verwarming, passieve koeling en sanitair warm water.
- Biomassa: gebruiken organische materialen van plantaardige of dierlijke oorsprong als energiebronnen. De biomassa wordt verbrand en de ontstane stoom wordt vervolgens omgezet in elektriciteit.

